Nederland is een klein land, maar wel met mensen met centjes
Dhr. Malmberg (1925) vertelt over zijn leven in Nederland: over werk, liefde en hoe verwachtingen zijn uitgekomen.
Ik heb in West gewoond in de buurt van de Kinkerstraat, bij het uitgaan in de Oudebrugsteeg heb ik een vrouw leren kennen, ik was veel ouder dan haar, we hebben samen een zoon. Zij is bij mij weggegaan, dertig jaar geleden. In de metaalhandel kwam ik terecht, aan het eind van de Kinkermarkt bij een staalharderij. Ik had een kamer bij een oudere vrouw, bij het Wilhelmina gasthuis. Ik kon lopen naar mijn werk, want dat was in de Kinkerstraat. Ik kookte niet zelf, er waren genoeg Chinese restaurantjes, of ik at bij die vrouw. Ik kookte vroeger wel, het liefst bruine bonen met rijst.
Ik ben bij die eerste baas meer dan tien jaar gebleven. Bij mijn andere baas erna ben ik negen jaar gebleven, dat was in Venserpolder, ook bij een staalharderij. Ik spaarde veel. Ik had afgekeken van blanken hoe zuinig ze leven. Daarom ben ik ook zuinig. Ik heb nooit iemand gevraagd om een gulden, ik had altijd mijn eigen geld. Nederland is een klein land, maar wel met mensen met centjes.
Ik heb lange tijd alleen geleefd, ik heb lang vlak bij de Albert Cuyp markt gewoond, bij het Cornelis Troostplein. Negen jaar gelden haalde ik een vrouw uit Suriname, ze ging een keer het ziekenhuis in, en toen was ze dood. Iedereen die ik kende hier in Amsterdam heb ik overleefd. Ik heb zoons, maar ik zie ze zelden. Ik heb een broertje, die woont in Suriname, hij is een paar keer op vakantie hier geweest.
Voeg een reactie toe