<?xml version="1.0"?>
<rss version="2.0" 
  xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
  xmlns:media="http://search.yahoo.com/mrss"
  xmlns:any="http://www.anymeta.net/xmlns/rss/1.0/">
	<channel>
		<title>any_iic03 - Verhalen met een plaatje</title>
		<link>http://caribische.verhalenvanger.nl/listpublish-105-nl.html</link>
		<description><![CDATA[]]></description>
		<language>nl</language>
		<copyright>Copyright 2012 any_iic03</copyright>
		<dc:date>2012-05-19T22:52:25+02:00</dc:date>
		<lastBuildDate>Sat, 19 May 2012 22:52:25 +0200</lastBuildDate>
		<docs>http://feedvalidator.org/docs/rss2.html</docs>
		<ttl>60</ttl>
		<generator>Mediamatic anyMeta RSS Generator</generator>
		<any:anymetaversion>3.4.1</any:anymetaversion>
		<any:uuid>dba22b5c-2038-1029-b52a-0050da447162</any:uuid>


		<item>
			<any:uuid>ae49a014-1f0e-102b-8788-0014385010dc</any:uuid>
			<title>Ik voel me hier op mijn gemak</title>
			<link>http://caribische.verhalenvanger.nl/article-1996-nl.html</link>
			<description><![CDATA[
<img src="http://fast.mediamatic.nl/f/zjht/icon/460/1996-206-300--.jpg" width="206" height="300" abs="1" style="float:left; margin: 0px 10px 10px 0px;" alt="" />
<p>Elvia O’Neill-René (1931) vertelt over haar beslissing om definitief te blijven</p>
<p>In 1976 ben ik teruggekomen voor een half jaartje, toen ben ik weer teruggegaan, wegens persoonlijke omstandigheden. In 1979 heb ik de knoop doorgehakt: ik was toen 48 jaar en klaar voor een nieuw leven. Ik kwam hier omdat mijn jongste zoon individueel onderwijs moest hebben, op Curaçao was dat er niet. Om een woning te hebben, moest je economisch gebonden zijn. <br/>
Mijn dochter ving ons op, haar man was hier voor studie. Ze woonden in Grubbehoeve. In 1970 was ik al eens in de Bijlmer geweest: een kennis van me woonde er. Toen dacht ik: “Wow, hier wil ik nooit zijn”.<br/>
Maar mijn dochter woonde er dus en ik 1979 was ik er. Mijn man onderhield me wel, maar zijn bijdrage was niet genoeg dus ik moest gaan werken om een eigen woning te krijgen. Ik heb toen gesolliciteerd. Ik kon werken in de linnenkamer in het Henriette Roland Holst-huis: een verzorgingshuis met aanleunwoningen. Ik werkte in de linnenkamer. Ik kwam in mei en in augustus had ik al een baan, parttime. Mijn zoon was toen vijftien.<br/>
In augustus kreeg ik ook een woning op dezelfde etage als mijn dochter, in Grubbehoeve. Er woonde ook een kennis op een andere etage.<br/>
Ik ben ben tweedehands dingen begonnen, een wasmachine en een koelkast. Het was tweedehands, maar het waren goede dingen. Ik had ze van een Hollandse collega die ook met ze begonnen was. Ze had nieuwe, ze heeft me haar oude gegeven. Van iedereen heb ik wat gehad tot ik genoeg gespaard had voor een bank. Ik kan niet zeggen dat ik een nare start heb gehad.<br/>
Ik ben nooit teruggeweest.<br/>
Ik heb elf jaar gewerkt in het Henriette Roland Holsthuis. Toen ging ik in de VUT, in 1990. Mijn ouders waren behoeftig in Suriname. Ik heb mijn woning opgezegd want ik zou hen langdurig verzorgen. Met mijn zus had ik afgesproken om en om elke zes maanden naar Suriname te gaan om ze te verzorgen. Ik had bij mijn dochter een kamer. <br/>
Maar het duurde maar kort: na twee jaar waren ze allebei overleden. Toen heb ik besloten definitief hier ...</p>]]></description>
			<guid isPermaLink="true">http://caribische.verhalenvanger.nl/article-1996-nl.html</guid>
			<pubDate>Mon, 28 Jan 2008 17:36:11 +0100</pubDate>
			<dc:date>2008-01-28T17:31:38+01:00</dc:date>
			<dc:identifier>ae49a014-1f0e-102b-8788-0014385010dc</dc:identifier>	
			<dc:creator>Esmee Lacle, Beatrice Iorio</dc:creator>
			
		</item>
		<item>
			<any:uuid>ecc27812-1f0d-102b-8788-0014385010dc</any:uuid>
			<title>Wij waren de enige kleurlingen in de straat, we werden op handen gedragen</title>
			<link>http://caribische.verhalenvanger.nl/article-1994-nl.html</link>
			<description><![CDATA[
<img src="http://fast.mediamatic.nl/f/zjht/icon/584/1994-204-300--.jpg" width="204" height="300" abs="1" style="float:left; margin: 0px 10px 10px 0px;" alt="" />
<p>Elvia O’Neill-René (1931) vertelt over de drie keer dat ze naar Nederland verhuisde. En bleef.</p>
<p>Ik heb geen nare ervaringen gehad met Nederlanders. <br/>
We hadden hele leuke buren. Wij waren de enige kleurlingen in de straat, we werden op handen gedragen. De kinderen maakten snel contact en werden uitgenodigd voor de vogeltjesmarkt in Antwerpen, ons zoontje werd uitgenodigd voor voetbal. <br/>
We hadden een kennis die op de vaart zat, hij nam dingen voor ons mee. Die boot kwam een keer per maand. Pas later hebben we ontdekt dat er in Pijnacker een planter was die Surinaamse groentes had: mamotica, sopropo en amsoy. <br/>
Ik had zelf al vaak andijvie als sopropo gebruikt en wat betreft kruiden: ik had zelf wat meegenomen: massala, pepers. Die heb ik ook zelf geplant, alleen er was bij ons natuurlijk niet zoveel zon, dus ze werden niet zo geurig.<br/>
Later leerde ik ook een Surinaams vrouwtje kennen die zoutvlees zelf maakte, zij heeft het mij geleerd. Soms gebruikte ik ook spek. Met de boot kreeg ik ook pomtajer, maar ik had alleen maar een klein raspbordje, later gebruikte ik een Moulinex.<br/>
Ik had het hoognodige meegenomen: winterkleding heb ik ook hier moeten kopen. Herman – die overbuurman – wist waar we die het beste en goedkoopste konden kopen.<br/>
Na twee jaar gingen we weer terug naar Curaçao, in 1973. Maar ik heb twee leuke jaren gehad. <br/>
Toen zijn we een keer drie weken op vakantie gegaan naar Amerika; toen dacht ik pas: Nederland is niks, Nederland is klein, toen ik op Fifth Avenue stond.<br/>
Mijn moeder en zus zijn ook nog op vakantie gekomen. Mijn vader niet, Ïk heb gewerkt met Nederlanders” en wilde dus niet komen. Later is mijn vader toch gekomen en was verbaasd: “Overal waar je kijkt, kun je naar Utrecht” zei hij naar aanleiding van de borden langs de snelwegen. “Die Nederlanders hebben toch meer dan ik dacht”.</p>]]></description>
			<guid isPermaLink="true">http://caribische.verhalenvanger.nl/article-1994-nl.html</guid>
			<pubDate>Mon, 28 Jan 2008 17:30:49 +0100</pubDate>
			<dc:date>2008-01-28T17:26:13+01:00</dc:date>
			<dc:identifier>ecc27812-1f0d-102b-8788-0014385010dc</dc:identifier>	
			<dc:creator>Esmee Lacle, Beatrice Iorio</dc:creator>
			
		</item>
		<item>
			<any:uuid>ff264158-1f0a-102b-8788-0014385010dc</any:uuid>
			<title>Een wereld ging voor me open: alles was groots: grote huizen, de ruimte</title>
			<link>http://caribische.verhalenvanger.nl/article-1984-nl.html</link>
			<description><![CDATA[
<img src="http://fast.mediamatic.nl/f/zjht/icon/353/1984-216-300--.jpg" width="216" height="300" abs="1" style="float:left; margin: 0px 10px 10px 0px;" alt="" />
<p>Elvia O’Neill-René (1931) vertelt over de eerste keer dat ze naar Nederland verhuisde.</p>
<p>Ik kwam naar Nederland omdat mijn man een cursus ging volgen in Nederland. Hij werkte bij de Shell, dat was in 1970. Ik was toen 39 jaar. Ik was nooit eerder hier geweest, ik ben Surinaamse dus wij gingen in de vakantie altijd naar Suriname. Ik was op Curaçao administratief medewerker in het Sanatorium van de Shell. Ook mijn vader werkte bij de Shell en werkte al met Nederlanders en dat was hem genoeg, Nederland trok hem niet. Hij woont op Curaçao. Ik was niet nieuwsgierig naar Nederland.<br/>
De cursus duurde twee jaar. Hier moet je zelf een woning zoeken, terwijl je op Curaçao hele dorpen hebt voor Nederlanders: Julianadorp en Emmastad. Hier in Nederland moesten we zelf reageren op advertenties in de krant.<br/>
Een dochter van me studeerde hier al, ze was 19 jaar en was in huis bij een neef van haar. Zij ving me op. Ze had een tijdelijke woning voor me geregeld in Delft, een huis van iemand die op vakantie was.<br/>
We moesten naar Pernis of Hoogvliet. <br/>
Mijn dochter had een auto gehuurd om me op te halen. Ik vond het allemaal groot. Mijn eerste indruk van Nederland was: “Wow!” Een wereld ging voor me open: alles was groots: grote huizen, de ruimte. Nederland is een klein land, maar het was groot. Ik keek mijn ogen uit.<br/>
Toen hebben we op advertenties gereageerd. We vonden snel een woning in Hoogvliet, binnen drie weken. Het was gemeubileerd en was ook van iemand die bij de Shell werkte en in Curaçao zat. We kenden die man niet. De persoon die erover ging was de overbuurman, hij heeft ons gehaald. Het was een aardige man, hij was getrouwd: een vrouw en twee kinderen. Hij wees ons de weg in alles: waar we brood konden halen, waar de scholen voor de kinderen waren. <br/>
We hadden vijf kinderen mee, twee waren al hier. We hebben tien kinderen in totaal, waarvan acht mijn pleegkinderen zijn. Hij was weduwnaar toen we zijn getrouwd. Ik had toen zelf al een kind en we hebben een kind samen. <br/>
Die overbuurman nam ons mee naar bezienswaardigheden:...</p>]]></description>
			<guid isPermaLink="true">http://caribische.verhalenvanger.nl/article-1984-nl.html</guid>
			<pubDate>Mon, 28 Jan 2008 17:23:29 +0100</pubDate>
			<dc:date>2008-01-28T17:05:16+01:00</dc:date>
			<dc:identifier>ff264158-1f0a-102b-8788-0014385010dc</dc:identifier>	
			<dc:creator>Esmee Lacle, Beatrice Iorio</dc:creator>
			
		</item>
	</channel>
</rss>
